Foto Pixabay

Op vrijdag 5 juli stemde een Kamermeerderheid voor de Wet verbod op kolen voor elektriciteitsproductie. Op de Hemwegcentrale in Amsterdam (1 januari 2020) en de Amercentrale in Geertruidenberg (1 januari 2025) na moeten de kolencentrales per 1 januari 2030 aan de wet voldoen.

De wet is bedoeld om de uitstoot van broeikasgassen in Nederland terug te dringen, om daarmee bij te dragen aan het tegengaan van de opwarming van de aarde. Inhoudelijk bestond er discussie over het wetsvoorstel; sommige partijen wilden alle centrales per direct sluiten, terwijl anderen waarschuwden dat sluiting na 2030 problemen kan opleveren voor de leveringszekerheid. Het verbod ligt extra gevoelig wegens de zeer recente bouw van drie van de vijf kolencentrales, op verzoek van de overheid. In het wetsvoorstel is hier geen compensatie voor opgenomen.

Vervroegde sluiting afgewezen

Van de 150 mogelijke stemmen kreeg de wet er 125 voor. Alleen de PVV, SGP en FvD stemden tegen. Groenlinks stelde nog twee amendementen voor om alle kolencentrales per 2020 te sluiten, maar vond hier alleen steun voor bij de linkse oppositie en 50Plus. Ook een aanvullend verbod op het gebruik van biomassa werd weggestemd.

De wet verbiedt het gebruik van kolen, maar laat de mogelijkheid tot het gebruik van een andere brandstof open. Om de mogelijke ombouw te faciliteren, evenals nog een periode te bieden waarin inkomsten kunnen worden verkregen, wordt een overgangsperiode geboden. De duur van de overgangsperiode is gebaseerd op de efficiëntie van de centrale. Alleen de oudere Hemwegcentrale krijgt dit niet, als maatregel voor het voldoen aan het Urgenda-vonnis. Minister Wiebes betoogde eerder bovendien dat vervroegde sluiting tot minder CO2-winst zou leiden wegens grotere weglek-effecten naar het buitenland.

De eigenaren van de kolencentrales zetten vraagtekens bij de haalbaarheid van een ombouw naar een andere brandstof. Biomassa, dat nu reeds deels wordt bijgestookt met behulp van subsidie, is het meest reële alternatief. De kosten van biomassa overstijgen die van kolen echter ruimschoots, zodat in de huidige stand van zaken het uitsluitend verstoken van biomassa zonder subsidie zou leiden tot grote verliezen. Bovendien zijn ook de kosten voor het volledig ombouwen van een centrale zeer hoog.

Compensatie voor wijziging beleid

De drie nieuwste kolencentrales in de Eemshaven en de Maasvlakte zijn pas enkele jaren operationeel, nadat zij op verzoek van onder meer voormalig minister Brinkhorst zijn gebouwd. Met de nieuwe kolenwet is het beleid van de overheid op dit gebied omgeslagen. In plaats van de technische levensduur van 40-50 jaar, zullen deze centrales maar 15 jaar operationeel zijn geweest, wanneer zij noodgedwongen moeten sluiten. Om die reden vinden de eigenaren van de centrales compensatie op zijn plaats.

Minister Wiebes vindt de overgangsperiode tot 2030 echter voldoende compensatie. Het is zeer waarschijnlijk dat er juridische procedures zullen gaan volgen die moeten uitwijzen of de kolencentrale-eigenaren gecompenseerd moeten worden voor de misgelopen inkomsten. Hoewel compensatie in de huidige wet ontbreekt, bestaat dus de kans dat deze er alsnog komt.

Ook op het gebied van leveringszekerheid bestaan nog vraagtekens. De kolencentrales leveren nu een belangrijk deel van het regelbare vermogen in Nederland. Het is de bedoeling dat gascentrales dit zullen overnemen, echter is de verwachting dat ook het aantal gascentrales na 2030 zal gaan afnemen. Daarmee is er mogelijk (inter)nationaal niet voldoende opwekkingscapaciteit meer die een gebrek aan wind en zon kan opvangen.

, , , , , ,

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

− 1 = 3