Foto Pixabay

Na eerder de boot te hebben afgehouden, heeft Nederland gisteren alsnog een verklaring mede ondertekend, waarin wordt toegezegd niet langer steun te verlenen aan fossiele brandstofprojecten in het buitenland. De verklaring werd ondertekend tijdens de klimaatconferentie in Glasgow, waar Nederland zich bij 26 andere ondertekenaars voegt, waaronder de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk, maar niet Frankrijk, Duitsland en Spanje.

Premier Mark Rutte liet eerder weten de verklaring nog niet te willen ondertekenen, omdat het huidige kabinet demissionair is. Na druk vanuit de Tweede Kamer en daarbuiten, is alsnog besloten om de verklaring te ondertekenen. Na 2022 zal Nederland geen financiële steun meer verlenen aan bedrijven voor projecten in het buitenland, als deze te maken hebben met de winning of de verwerking/transport van fossiele brandstoffen. Op reeds aangegane verplichtingen heeft de verklaring geen invloed.

Exportgaranties

De meeste steun met publiek geld aan fossiele energieprojecten in het buitenland wordt verstrekt door middel van zogenaamde exportgaranties. Voor bepaalde projecten in bepaalde landen met een slechte financiële en/of politieke reputatie, bijvoorbeeld een aardgasproject in Mozambique, staan commerciële kredietverzekeraars vaak niet zomaar garant, wegens te grote risico’s. In zulke gevallen kan de Nederlandse overheid soms wel garant staan middels exportkredieten met staatsgarantie via het bedrijf Atradius DSB. Vooralsnog heeft dit voor schatkist nooit iets uitgemaakt; de premie en de risico’s dekten elkaar min of meer af. Wel leverde het bij Nederlandse bedrijven extra projecten en banen op.

Van alle uitstaande exportkredieten in Nederland bestaat een kwart uit kredieten voor fossiele energieprojecten, bij elkaar goed voor een verzekerd bedrag van €5 miljard en, volgens demissionair staatssecretaris Vijlbrief, 2000 banen. Bedrijven die hier onder meer gebruik van maken zijn Van Oord, Heerema en Boskalis. Zij kunnen na 2022 geen, of alleen tegen een veel hogere premie bij andere partijen, nog exportkredieten met garantie krijgen voor dezelfde projecten. Dit verslechtert de concurrentiepositie ten opzichte van bedrijven uit landen die de verklaring niet hebben ondertekend, zoals buurlanden België en Duitsland.

Reikwijdte van de verklaring

In de verklaring is het verbod specifiek gericht op projecten die zich richten op het upstream en midstream gedeelte van een fossiele brandstofketen. Dit houdt in dat projecten die zich bezig houden met de winning van fossiele brandstoffen, zoals naar olie of gas boren, verboden worden. Ook worden projecten waarbij de fossiele brandstof wordt getransporteerd of verwerkt, zoals gaspijpleidingen of olieraffinaderijen, verboden.

Het downstream gedeelte, waarbij de fossiele brandstoffen worden verbruikt, wordt niet vermeld. Dit zou in de praktijk kunnen betekenen dat bijvoorbeeld de bouw van een staalfabriek, waarin kolen en aardgas worden verbruikt, nog wel gesteund mag worden. Daarnaast gaat het kabinet ervan uit dat projecten waarbij geen CO₂  in de atmosfeer terecht komt door CCS (koolstof afvang en opslag), ook niet onder het verbod vallen.

Politieke druk

Het officiële voornaamste argument van het kabinet om de verklaring nog niet te willen ondertekenen, was de demissionaire status. Onder met name de linkse partijen in de Tweede Kamer kwam dit op veel kritiek te staan. Het lijkt er zeer op dat dezelfde partijen die nu het kabinet vormen, ook het nieuwe kabinet gaan vormen. Bovendien is de top van Glasgow hét moment voor het gezamenlijk met andere landen ondertekenen van dergelijke verklaringen.

In de praktijk waren er ook andere bezwaren vanuit het demissionaire kabinet, waaronder de mogelijke verslechtering van de concurrentiepositie voor Nederlandse bedrijven en het verlies van banen. Desondanks is men toch overstag gaan. Investeringen in fossiele energie worden de komende jaren sowieso al duurder door de energietransitie. Er is voor bepaalde brandstoffen minder zekerheid of investeringen op de lange termijn nog winstgevend kunnen zijn. Ook China, dat de verklaring niet heeft ondertekend, kondigde voor Glasgow al aan te stoppen met buitenlandse investeringen in kolen.

Nu de verklaring is ondertekend heeft het kabinet beloofd te gaan kijken hoe bij de gesteunde bedrijven een snellere omslag naar duurzame projecten gemaakt kan worden, om zo de schade voor deze bedrijven en bijbehorende werkgelegenheid te beperken.

, ,

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

code