Foto Pixabay

Vandaag bespreekt de Eerste Kamercommissie voor Economische Zaken en Klimaat / Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit de Wet verbod op kolen bij elektriciteitsproductie. Dit wetsvoorstel leidt, mits ingevoerd, tot een verbod op het gebruik van kolen voor alle 5 Nederlandse kolencentrales. Het verbod geldt per direct voor de Hemwegcentrale in Amsterdam, de Amercentrale in Geertruidenberg krijgt uitstel tot 2025. Het verbod geldt voor de drie nieuwste centrales in de Eemshaven en op de Maasvlakte vanaf 2030.

Op 17 oktober ontvingen de commissieleden antwoorden op enkele vragen aan de minister van Economische Zaken en Klimaat, Eric Wiebes. De vragen richtten zich overwegend op vraagstukken met betrekking tot de leveringszekerheid, (verloren) arbeidsplaatsen, emissierechten, alternatieve brandstoffen voor de centrales en of er sprake is van onteigening. Vandaag wordt bepaald hoe de afhandeling van het wetsvoorstel verder zal verlopen.

Dreigend juridisch conflict

RWE (eigenaar kolencentrales in de Eemshaven en Geertruidenberg) en Uniper (eigenaar kolencentrale op de Maasvlakte) hebben aangekondigd juridische stappen te ondernemen wanneer het wetsvoorstel in huidige vorm wordt aangenomen. Zij stellen dat er sprake is van onteigening. Het argument van de minister dat zij kunnen overstappen op het gebruik van een andere brandstof gaat namelijk niet op, stellen de exploitanten.

Behalve kolen zouden ook biomassa, waterstof, ijzerpoeder, groen gas, ammoniak en andere soorten brandstoffen mogelijk in dezelfde centrales verstookt kunnen worden. De exploitanten beweren echter dat dit technisch, financieel of op beide manieren onmogelijk is. Van de aangedragen alternatieve brandstoffen bestaan alleen voorbeelden van een ombouw naar biomassacentrale. Deze voorbeelden gebruikt de minister om aan te tonen dat dit ook in Nederland mogelijk moet zijn.

In opdracht van Uniper verrichte onderzoeksbureau Frontier Economics een onderzoek naar de ombouw van de MPP3-kolencentrale in Rotterdam naar biomassacentrale of waterstofcentrale. De conclusie luidde dat dit met name vanwege de hoge brandstofkosten geen reëel scenario is, en dat sluiting na invoering van de wet tot de minste financiële schade lijdt.

De minister liet in antwoord op vragen naar dit onderzoek door de Eerste Kamercommissie weten het niet eens te zijn met deze conclusie, en dat de strekking niets zegt over andere kolencentrales of brandstoffen. Zelf heeft het kabinet echter geen onderzoek laten uitvoeren naar de mogelijkheden voor alternatieven, naar eigen zeggen omdat het niet over de benodigde bedrijfsspecifieke gegevens beschikt.

Maatschappelijke wenselijkheid biomassa

Naast het financiële vraagstuk rondom biomassa, is er ook een maatschappelijk vraagstuk met betrekking tot een mogelijke overstap naar deze brandstof. Onderzoekers van het European Academies Science Advisory Council (EASAC) publiceerden in september een persbericht waarin wordt gesteld dat het gebruik van hout, dat speciaal voor energieopwekking wordt gekapt, een negatieve impact heeft op het behalen van de doelen van Parijs.

Dankzij SDE+ subsidie verstoken de Nederlandse kolencentrales de komende jaren een bepaald percentage aan biomassa naast de kolen. Dit zijn voornamelijk houtpellets of zaagsel, veelal afkomstig uit overzeese gebieden. Dit vervoer veroorzaakt uitstoot, en de subsidies zouden extra houtkap aanmoedigen in plaats van uitsluitend gebruik te maken van resthout.

De subsidies voor het meestoken van biomassa stoppen in 2025, waarmee gezien de extra kosten het gebruik van biomassa in kolencentrales waarschijnlijk ook stopt. Als de Eerste Kamer dit najaar instemt met het verbod op kolen, lijkt daarmee ook het einde van de kolencentrales te zijn bezegeld.

, , , , , , , , ,

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

55 − = 53